Vertrouwen verspeeld? Gebrek aan transparantie en verdere rechtsschendingen bij de windenergieplanning “Fürstliche Tannen”
Grafschaft Bentheim.
In verband met de planning van windenergie-installaties in het Bardeler Woud (“Fürstliche Tannen”) staan de stad Bad Bentheim en haar bestuur steeds meer onder kritiek vanwege ernstige schendingen van het recht, een gebrek aan transparantie en democratische tekortkomingen. Daarover berichtten GN/WN, onder verwijzing naar beschuldigingen van het burgerinitiatief GWW, de fractie Burgerforum Losser en de Stichting Tegenwind Noord-Oost-Twente.
Een centraal punt van kritiek is de door het district (Landkreis) geëiste, maar nagelaten inspraak van het publiek, nadat de natuurbeschermingsdocumenten bij het bestemmingsplan (Flächennutzungsplan) wezenlijk waren aangevuld. Daartoe behoorden een voor het eerst opgestelde FFH-compatibiliteitstoets evenals een sterk gewijzigd milieueffectrapport. Deze aanvullingen waren volgens het district uitdrukkelijk als voorwaarde gesteld voor de voorlopige goedkeuring. Desondanks maakte de stad Bad Bentheim de wijziging van het bestemmingsplan bekend zonder een nieuwe publieke inspraakronde en verklaarde deze daarmee rechtsgeldig. Als gevolg hiervan zijn talrijke klachten ingediend bij het district Grafschaft Bentheim en bij het bevoegde ministerie. Het district moet hierover nu een standpunt innemen richting het ministerie.
Terwijl de stad Bad Bentheim blijft verklaren dat er geen fouten zijn gemaakt, kiest de stad Schüttorf in een vergelijkbaar geval een andere weg en erkent zij dat een inspraakprocedure alsnog moet worden uitgevoerd.
De initiatieven uiten stevige kritiek op het gebrek aan transparantie bij de stad Bad Bentheim. Een verzoek van Jan Nijhuis (Stichting Tegenwind Noord-Oost-Twente) om inzage in de dossiers bij de stad werd afgewezen. Het district daarentegen verleende wel inzage. Deze inzage heeft volgens de initiatieven duidelijk gemaakt dat de stad zelf het juridische noodzaak van publieke inspraak heeft onderkend, maar deze om politieke redenen bewust niet wilde uitvoeren – expliciet uit angst voor bezwaren vanuit het publiek en verdere tijdsvertragingen.
Desondanks deelde het bestuur de raadsleden tijdens de beslissende vergadering mee dat een inspraakprocedure juridisch niet vereist was, omdat het slechts om irrelevante redactionele wijzigingen zou gaan. “Dit bewijst dat noch intern noch extern transparantie of democratische besluitvorming werd nageleefd”, verklaart dr. Hinze van GWW. Extra gevoelig is bovendien dat de raadsleden de gewijzigde en aangevulde documenten vóór de besluitvorming überhaupt niet te zien hebben gekregen. Dit blijkt ook uit de vergaderstukken en staat haaks op de verklaring van het hoofd van de bouwafdeling, mevrouw Iking (WN, 16-1-26).
Lies ter Haar van Burgerforum Losser ziet hierin een wezenlijke reden voor de toenemende politieke onvrede. Zij vraagt hoeveel raadsleden nu bereid zijn “op de barricaden te gaan” en het genomen raadsbesluit aan te vechten. Alleen zo kan het politieke vertrouwen bij burgers en Nederlandse buren worden hersteld – bij voorkeur vrijwillig, nog voordat het district of het ministerie moet ingrijpen.
Daarnaast wijzen de initiatieven op ernstige schendingen van het natuurbeschermingsrecht. Een rechterlijke uitspraak heeft inmiddels bevestigd dat de illegale ontbossing niet alleen diende om voldongen feiten te creëren voor de bouw van de windturbines, maar kennelijk ook gericht was op het manipuleren van soortenbeschermingsinventarisaties, het verstoren van karteringen en het minimaliseren van de omvang van compenserende herbeplanting. De opgelegde herbeplanting is bovendien niet correct uitgevoerd: in plaats van standplaatsgeschikte bomen met vraatbescherming zijn grotendeels stekken zonder bescherming en ecologisch waardeloze thuja-aanplantingen geplant. Toch wordt deze nutteloze maatregel formeel als herstel erkend.
Bijzonder kritisch zijn de initiatieven over het feit dat nu aanvullende kapwerkzaamheden voor de windenergie-installaties worden gepland, om een latere legalisering van de eerder illegaal gekapte oppervlakten te vermijden. Uiterlijk op dit punt had de gemeenteraad windenergie in het bos moeten afwijzen, aldus dr. Hinze. Het district heeft nu de taak om het recht “op alle fronten weer recht te trekken” en ook de gebrekkige herbeplanting te controleren.
Daar komt bij dat er volgens het locatieconcept van de stad zelfs beter geschikte open terreinen beschikbaar zijn en dat het voor klimaat en natuur waardevolle bos dus niet nodig is voor windenergie. Bovendien is het niet de eerste keer dat raadsleden door het bestuur onjuist zijn geïnformeerd. Zo heeft het bestuur de reacties uit de ingediende bezwaren samengevat op een manier die suggereerde dat ook de Onderste Natuurbeschermingsautoriteit (UNB) geen bezwaren had. In werkelijkheid verklaarde de UNB in haar zienswijze echter uitdrukkelijk dat zij de locatie “Fürstliche Tannen” niet geschikt achtte. Deze deskundige beoordeling moet uiteindelijk doorslaggevend zijn – en niet economische belangen, zo luidt de gezamenlijke eis van alle drie de initiatieven.




