Een wandelpad, een erf en een werkroute: in het buitengebied van De Lutte komen drie werelden samen op dezelfde meters grond. Oude rechten en modern gebruik botsen zachtjes op elkaar.
Wie door het buitengebied van De Lutte wandelt, ziet een landschap dat al eeuwen herkenbaar is. Smalle paden lopen tussen weilanden en langs erven. Ooit waren dat verbindingen tussen boerderijen, kerk en dorp. Vandaag rijden er trekkers, melkwagens en andere landbouwvoertuigen over dezelfde routes. Zo komen oude rechten en modern gebruik steeds vaker samen op dezelfde grond.
Veel van deze paden staan nog in de wegenlegger en gelden juridisch als openbare weg, ook als ze in de praktijk nauwelijks zichtbaar zijn. Voor wandelaars lijkt een pad soms verdwenen. Voor boeren is het werkgrond. Als er een hek staat of een pad is omgeploegd, ontstaat discussie: het oogt privé, maar is officieel openbaar.
Dat speelt nu bij delen van de Stadsweg en de Grote Lutterveldweg. Agrariërs en de gemeente Losser verschillen van mening over de vraag of deze wegen nog openbaar zijn. Beide partijen zijn in hoger beroep gegaan bij de Raad van State. De uitspraak kan gevolgen hebben voor meer historische paden in het buitengebied.
De kern van de discussie is breder dan één route. Het buitengebied is tegelijk productielandschap, recreatiegebied en historisch cultuurlandschap. Oude structuren bestaan nog, maar het gebruik is veranderd. Daarmee wordt een simpel zandpad ineens een plek waar toegankelijkheid, bedrijfsvoering en veiligheid samenkomen een stille ontmoeting van verleden en heden.




