“De kop erveur en deur” woorden die het karakter van beeldhouwster Mathilde Damhuis treffend samenvatten. Vooruitstrevend en volhardend, iets wat ze tot vorig jaar ook liet zien als actieve eenling tijdens carnaval.
Vakmanschap, ziel en trots in brons
In het Twentse Ootmarsum staat sinds kort een indrukwekkend bronzen beeld van de commandeur van de Duitse Orde, gemaakt door kunstenares Mathilde Damhuis. Een monumentaal werk dat niet alleen vakmanschap uitstraalt, maar ook de passie, precisie en bezieling van zijn maker. “In al mijn beelden zit mijn ziel en zaligheid,” zegt Damhuis resoluut. En wie het beeld ziet, begrijpt direct wat ze bedoelt.

Kunst met gevoel en precisie
Voor Mathilde Damhuis is beeldhouwen meer dan techniek. Elk werk begint met een gevoel dat ze wil overbrengen. Ze stopt pas wanneer het precies klopt met haar innerlijke beeld. Of ze nu aan een specht werkt of aan een historische figuur, alles draait om emotie en realisme. “Ik wil dat dingen kloppen,” zegt ze. “Daarvoor moet je weten hoe een dier of mens in elkaar zit van de anatomie tot de houding. Alleen dan krijgt een beeld leven.”
Tijdens mijn bezoek aan haar atelier viel mijn oog meteen op een beeld geïnspireerd door het schilderij Turbo van Marius van Dokkum. Overal in het beeld leek snelheid te zitten; het straalde een bijna tastbare beweging uit. Het was alsof het brons zelf de vaart van het schilderij had overgenomen, een prachtig voorbeeld van hoe Mathilde gevoel en techniek laat samensmelten.

De invloed van haar leermeester
Tien jaar lang werkte Mathilde onder begeleiding van de bekende kunstenaar Ton van der Zanden, een leermeester die haar leerde kijken, niet alleen zien. “Ton zei altijd: de anatomie moet kloppen, tenzij je er bewust van afwijkt. Hij was rustig, bedachtzaam en een echte vakman.”
Die lessen hoor en zie je terug in haar werk. De realistische vormen, de aandacht voor detail en de emotionele lading allemaal dragen ze Van der Zandens nalatenschap in zich. “Ik kon me geen betere leermeester wensen,” zegt ze dankbaar.
De Commandeur: een eerbetoon aan het verleden
Het beeld van de commandeur is niet zomaar een kunstwerk. Het staat op een historische plek, vlak bij het oude molenhuisje in Ootmarsum de laatste tastbare herinnering aan de middeleeuwse commanderie van de Duitse Orde.
De commandeur, vertelt Mathilde, was een man van geloof én daadkracht. “Hij stond tussen ridder en geestelijke in. Hij ving kruisvaarders op die gewond of ziek terugkeerden een combinatie van zorg, moed en bezieling.” Diezelfde eigenschappen heeft ze geprobeerd in haar beeld te vangen.
Vakmanschap tot in de laatste millimeter
Het maken van het bronzen beeld was een titanenklus. In haar atelier werkte Mathilde maandenlang aan het ontwerp, dat uiteindelijk in dertig afzonderlijke stukken werd gegoten bij een bronsgieter in Zutphen. Elk onderdeel werd door haarzelf geschuurd, gepolijst en bewerkt voordat het weer tot één geheel werd gelast.
“Zo is dat beeld langzaam opgebouwd, stukje voor stukje, tot het helemaal klaar was,” vertelt ze. De laatste afwerking vond plaats in het atelier van kunstenaar Berend Seiger in Ootmarsum. “Omdat ik alles zo vaak in handen heb gehad, wist ik precies hoe het beeld in elkaar zat.”
Het resultaat: een imposant bronzen figuur van bijna 200 kilo, tot in de kleinste details perfect uitgewerkt.
Trots, maar ook een gemiste erkenning
Hoewel de reacties lovend zijn, is niet iedereen zich bewust van wie de maker is. “In het eerste artikel over het beeld stond mijn naam niet vermeld,” vertelt Damhuis teleurgesteld. “Dat vond ik jammer. Je steekt er zoveel ziel en zaligheid in dan wil je ook dat mensen weten van wie het komt.”
Gelukkig kwam die erkenning later wel. In De Stentor werd haar naam genoemd en kreeg ze de waardering die ze verdient. “En wie het beeld in Ootmarsum ziet, zegt vaak: wat heb jij daar mooi neergezet.”
Een beeld dat blijft
Als Mathilde nadenkt over de toekomst van haar werk, hoopt ze vooral dat het beeld over vijftig jaar nog steeds dezelfde verwondering oproept. “Dat mensen denken: wat een mooi beeld, wat een bijzondere plek.”
Ze sluit af met een glimlach: “Ik hoop dat dit werk nog eens een vervolg krijgt. Nog een keer zo’n groot beeld, misschien iets kleiner want 1 meter 80 en 200 kilo, dat is nogal wat.”
Wat blijft, is haar toewijding. Haar beelden leven niet alleen door vorm en materiaal, maar door gevoel. Of zoals ze zelf zegt: “In elk beeld zit een stukje van mijn ziel.”




