Het plan om de locatie van de Aloysius-school in Losser om te vormen tot cultureel centrum met theater is volgens Harry Bloemen, oud-voorzitter van de dorpsraad, “desastreus”. Politieke belangen, oplopende kosten en exploitatieproblemen maken het project financieel en praktisch riskant.
Wat in 2024 begon met een begroting van €3,75 miljoen, is inmiddels opgelopen tot zo’n €5 miljoen. Jaarlijkse lasten voor onderhoud en personeel kunnen tussen de €200.000 en €250.000 liggen, wat een OZB-verhoging van 8–10% betekent voor alle vier kerkdorpen. Volgens Harry is dit voor een dorp als Losser niet verantwoord.
Bestaande alternatieven zijn realistischer en goedkoper. Zalen met theatermogelijkheden in Overdinkel of leegkomende gebouwen bij Erve Kraesgenberg kunnen 200–250 bezoekers ontvangen tegen lagere kosten en betere bereikbaarheid. Tegelijkertijd biedt de locatie van de Aloysius-school kansen voor woningbouw, waarmee de gemeente geld kan genereren en de lokale economie kan versterken.
Harry benadrukt dat visie alleen niet genoeg is: culturele ambitie moet altijd samengaan met financiële en praktische haalbaarheid. Alleen dan kan het project, als de gemeenteraad groen licht geeft, daadwerkelijk een bruisend hart van de gemeenschap worden in plaats van een dure, ongebruikte investering.
Het volledige interview door Bert Holst (Tubantia) en Theo Kip (HalloLosser) met Harry Bloemen verschijnt donderdag als podcast.
Geplaatst in: Nieuws




